Al ver voor het begin van onze jaartelling kookte mensen ondergronds. Een eeuwenoude kooktechniek dus, die zo op te sommen is: Een gat graven. Groente en vlees verpakken in jute zakken en in het gat leggen. Beetje aarde erop met daarop houten balken waarop je een vuur stookt. Ook wat grote stenen verwarmen in het vuur. Als de balken doorbranden valt het vuur met gloeiende stenen in het gat. Het procesje duurt een uur of tien, maar dan krijg je ook wat! Heerlijk mals vlees, zachte en smaakvolle groente.